-
Onze klantenservice- medewerkers zitten voor u klaar!
085-7441446
Zalfgazen en vette gazen gebruik je bij wonden waarbij adhesie aan het wondbed voorkomen moet worden. Deze niet-adherente wondverbanden zijn geïmpregneerd met paraffine, vaseline of een antimicrobiële zalf en beschermen nieuw gevormde epitheelweefsel tijdens de genezingsfase. Zalfgazen zijn geschikt voor brandwonden graad II, donorplaatsen na huidtransplantatie, dermabrasiewonden en oppervlakkige traumatische wonden.
De keuze tussen neutrale vette gazen en antimicrobiële zalfgazen hangt af van het infectierisico, de wonddiepte en de fase van wondgenezing. Beide varianten vereisen een secundair absorberend verband.
Zalfgazen en vette gazen zijn niet-adherente wondverbanden geïmpregneerd met paraffine, vaseline of antimicrobiële zalf. Ze voorkomen adhesie aan het wondbed en beschermen nieuw epitheelweefsel tijdens wondgenezing. Geschikt voor brandwonden graad II, donorplaatsen na huidtransplantatie, dermabrasiewonden en oppervlakkige traumatische wonden. Vereisen altijd een secundair absorberend verband.
Neutrale vette gazen zoals Jelonet zijn geïmpregneerd met paraffine of vaseline en hebben geen antimicrobiële werking. Ze zijn geschikt voor schone wonden zonder infectierisico. Antimicrobiële zalfgazen zoals Bactigras (chloorhexidine) of Sofra-Tulle (framycetine) bevatten een antisepticum of antibioticum en gebruik je bij wonden met verhoogd infectierisico of lichte kolonisatie. Kies antimicrobieel bij brandwonden, donorplaatsen of gecontamineerde traumatische wonden.
Bij brandwonden graad II wissel je zalfgazen dagelijks in de eerste 3-5 dagen om exudaat en debris te verwijderen en de wond te beoordelen op infectietekenen. Na de initiële fase, wanneer het exudaat afneemt en re-epithelisatie begint, kun je de wisselfrequentie verlengen naar om de dag. Wissel altijd eerder bij doorslag van exudaat naar het secundaire verband of bij klinische tekenen van infectie zoals geur, warmte of toenemende pijn.
Bij donorplaatsen gebruik je bij voorkeur een neutraal vetgaas zoals Jelonet of Adaptic om adhesie aan het wondbed te voorkomen en re-epithelisatie te bevorderen. Antimicrobiële zalfgazen zoals Bactigras zijn een alternatief bij verhoogd infectierisico, bijvoorbeeld bij uitgebreide donorplaatsen of bij patiënten met verminderde weerstand. Dek het zalfgaas af met een absorberend secundair verband en wissel het verband om de 2-3 dagen of bij doorslag van exudaat.
Zalfgaas is geschikt voor gebruik bij kinderen bij brandwonden, schaafwonden en andere oppervlakkige wonden waarbij adhesie aan het wondbed voorkomen moet worden. De niet-adherente eigenschap vermindert pijn en angst bij verbandwissels. Gebruik bij kinderen bij voorkeur neutrale vette gazen; antimicrobiële varianten alleen op indicatie. Informeer ouders over de verwachte wisselfrequentie en de normale verschijning van het wondbed tijdens genezing om onnodige onrust te voorkomen.
Zalfgazen en vette gazen vallen als medisch hulpmiddel onder MDR (EU) 2017/745 en moeten CE-gemarkeerd zijn. Aanvullend gelden biocompatibiliteitseisen conform ISO 10993 en normen voor steriliteit conform ISO 11737. Antimicrobiële zalfgazen moeten voldoen aan eisen voor antimicrobiële werkzaamheid en toxiciteit van de actieve stof. Controleer bij aanschaf de conformiteitsverklaring en de houdbaarheidsdatum om te bevestigen dat het product voldoet aan de klinische eisen.