Home » Blog » Oefenen met hechtdraad: resorbeerbaar of niet

Oefenen met hechtdraad: resorbeerbaar of niet

Door: Team Klinimed2026-10-21 22:00:00

Resorbeerbaar of niet-resorbeerbaar hechtdraad: wanneer kies je wat?

De keuze voor hechtdraad wordt bepaald door drie factoren: welke weefsellaag u sluit, hoeveel treksterkte die laag nodig heeft, en of de draad moet verdwijnen of verwijderd moet worden. Alles daarna — dikte, naaldvorm, merk — volgt uit die drie.

Het verschil in de praktijk

Resorbeerbaar hechtdraad wordt door het lichaam afgebroken. Niet-resorbeerbaar blijft zitten tot het wordt verwijderd. Dat lijkt een technisch detail, maar het bepaalt wie verantwoordelijk is voor de nazorg: bij resorbeerbaar draad hoeft niemand terug te komen voor verwijderen.

Bij kinderen, bij patiënten met beperkte mobiliteit en bij wonden op moeilijk bereikbare plaatsen weegt dat argument zwaar. Bij huidwonden waar littekenvorming belangrijk is, weegt het juist minder zwaar dan de cosmetische uitkomst.

Resorbeerbaar hechtdraad

Binnen deze groep zijn er drie hoofdtypen, met sterk verschillende eigenschappen.

  • Polyglactine (bijvoorbeeld Vicryl): gevlochten, breed inzetbaar, behoudt treksterkte gedurende enkele weken en is daarna in ongeveer twee tot drie maanden geresorbeerd. Geschikt voor slijmvliezen, fascia en subcutis.
  • Poliglecaprone (bijvoorbeeld Monocryl): monofilament, soepel door weefsel, verliest treksterkte sneller. Geschikt voor subcutis en intracutane hechtingen waar cosmetiek telt.
  • Polydioxanone (bijvoorbeeld PDS): monofilament met langdurige treksterkte, tot ongeveer een half jaar. Geschikt voor fascia en situaties waar langdurige ondersteuning nodig is.

Deze termijnen zijn richtwaarden. De exacte waarden verschillen per product en per weefsel, en staan in de instructie voor gebruik van de fabrikant. Voor klinische beslissingen is dat document leidend, niet de samenvatting op een website.

Niet-resorbeerbaar hechtdraad

  • Nylon (bijvoorbeeld Ethilon): monofilament, sterk, minimale weefselreactie. Standaard voor huidhechtingen.
  • Polypropyleen (bijvoorbeeld Prolene): monofilament, zeer glad, wordt gebruikt waar weinig weerstand van weefsel gewenst is, zoals vaatheelkunde.
  • Zijde: gevlochten, soepel, prettig in de hand, maar veroorzaakt meer weefselreactie. Vooral voor hechten op trainingsmateriaal en voor tijdelijke fixatie.
  • Polyester (bijvoorbeeld Mersilene): gevlochten, hoge treksterkte, gebruikt waar blijvende ondersteuning nodig is.

Naaldvorm: cutting, reverse cutting en round body

De naald bepaalt hoe makkelijk u door weefsel komt en hoeveel trauma u achterlaat.

  • Cutting: scherpe snijkant aan de binnenkant van de bocht. Voor taaie huid.
  • Reverse cutting: snijkant aan de buitenkant. Minder kans dat de naald door de wondrand snijdt. Meest gebruikt voor huid.
  • Round body (taper): geen snijkant, alleen een punt. Voor zacht weefsel zoals darm, fascia en spier.

Diktes en wanneer welke

De dikte wordt uitgedrukt in USP-maten, waarbij een hoger getal een dunnere draad betekent. Grofweg: 2-0 en 3-0 voor fascia en grote huidwonden, 4-0 voor de meeste huidhechtingen, 5-0 en 6-0 voor fijn werk aan handen en gezicht.

De vuistregel is dat de draad niet sterker hoeft te zijn dan het weefsel dat hij bij elkaar houdt. Een te dikke draad in fijn weefsel geeft onnodig trauma en een lelijker litteken.

Veelgemaakte fouten

  • Te hard aantrekken van de knoop, waardoor de doorbloeding van de wondrand afneemt.
  • Een cutting-naald gebruiken waar een round body nodig is, met weefselscheuring als gevolg.
  • Gevlochten draad gebruiken in een besmette wond, omdat bacteriën zich in de vlechtnesten kunnen nestelen.
  • De verkeerde dikte kiezen omdat die toevallig op voorraad is.

Bewaren en houdbaarheid

Hechtdraad hoort in de originele verpakking te blijven tot gebruik. De verpakking is steriel en beschermt tegen vocht. Controleer de houdbaarheidsdatum en de integriteit van de verpakking voor gebruik. Bij twijfel over steriliteit: niet gebruiken.

Bestellen voor de medische praktijk

Voor huisartsenpraktijken en kleine klinieken is een beperkte voorraad met drie of vier combinaties meestal voldoende: 3-0 en 4-0 in zowel resorbeerbaar als niet-resorbeerbaar, met een reverse cutting naald. Bekijk het aanbod op hechten en hechtdraad.

Veelgestelde vragen

Welk hechtdraad gebruik je voor een huidwond?

Voor de meeste huidwonden is een niet-resorbeerbaar monofilament zoals nylon in 4-0 met een reverse cutting naald de standaardkeuze. Voor wonden op plaatsen waar verwijderen lastig is, kan een resorbeerbaar monofilament worden overwogen.

Hoe lang blijft resorbeerbaar hechtdraad treksterkte houden?

Dat verschilt sterk per materiaal, van ongeveer een tot twee weken voor snel resorbeerbare typen tot enkele maanden voor polydioxanone. Raadpleeg de instructie voor gebruik van de fabrikant voor de exacte waarden.

Mag u gevlochten hechtdraad gebruiken in een besmette wond?

Over het algemeen wordt dat afgeraden, omdat bacteriën zich in de structuur van gevlochten draad kunnen nestelen. Monofilament heeft de voorkeur in situaties met een verhoogd infectierisico.

Is hechtdraad een medisch hulpmiddel?

Ja, hechtdraad valt onder de MDR (EU 2017/745). Vraag bij aanschaf naar de CE-verklaring en de classificatie van het specifieke product.